NL 

2

22 

INSTALLATIE 

De afzuigkap moet in het midden van het kookvlak worden gemonteerd. De afstand tussen het 
kookvlak en de onderkant van de afzuigkap moet minstens 650mm zijn. 
 
Voor de montage van de afzuigkap gaat u als volgt te werk: 
1)   Boor 6 gaten (X1-X2-J) Ø 8mm, gebruik makend van de afmetingen in fig. 1. 
2)   Voor de verschillende montages gebruikt u de meegeleverde schroeven en pluggen. 
3)   Bevestig de beugel C (fig. 2) aan de muur in de 4 gaten X1-X2. 
4)   Bevestig de afzuigkap aan de muur in de buitenste gaten J1 en J2 (fig. 3). 
5)   Installatie AFZUIG- of FILTRERENDE versie 

 
• AFZUIGVERSIE 

Bij installatie in afzuigversie, moet u de wasemkap met de uitlaatleiding verbinden door mid-
del van een starre of buigzame leiding van ø 150 of 120 mm, naar keuze van de installateur. 
•    Voor verbinding met een leiding van ø120 mm, moet de reductieflens 9 op de uitlaat van 

de wasemkap worden aangebracht. 

•    Zet de leiding vast met geschikt leidingklemmen. Het benodigde materiaal wordt niet bij 

de wasemkap geleverd. 

•    Verwijder de eventuele geurfilters met actieve koolstof. 
 

 

• FILTRERENDE VERSIE 

•    Bevestig het filtrerende tussenschot H (fig. 6). 
•    Monteer de koolstoffilters L (fig. 7) centraal in de moterhouders M en blokkeer ze door ze 

in wijzerzin (ongeveer 10°) te draaien tot aan de stop. Om ze te demonteren voert u de te-
gengestelde handeling uit. 

6)   Bevestig de hoge lange schouw A (fig. 8) aan de beugels C (fig. 2/fig. 8) met de 4 meege-

leverde schroeven Ø 2,9mm. De afstand tussen de bevestigingsopeningen X1 en X2 wordt 
bepaald door de hoogte van de Verbindingsstuk luchtuitlaat H. 

7)   Breng de lage korte schouw B (fig. 9) aan de voorkant aan door hem zijdelings lichtjes 

open te plooien en hem dan in de kap te plaatsen (fig. 9).